| Borstvoeding na een borstoperatie. |
|
Zoals je op het plaatje ziet, lopen er melkkanaaltjes door je borst. Deze melkkanaaltjes beginnen in de melkklieren en ze eindigen in de tepel. Als je heel precies kijkt, zie je dat ze feitelijk beginnen ze in de tepel en eindigen ze in de klier. Bij de aanleg in het embryo ontwikkelt de melkklier zich vanuit een instulping die de tepel wordt, daaruit groeien de melkkanalen en daaruit ontspruiten de melkkliertjes. Ook in de zwangerschap en lactatie ontwikkelt het klierweefsel zich in een verder stadium vanuit de melkkanalen. afbeelding: © Gonneke van Veldhuizen-Staas Als je baby aan de borst drinkt, worden via de zenuwen in en rond de tepel signalen aan de hersenen. De hersenen sturen op hun beurt de melkvormende cellen aan om melk aan te maken. Als de melk gemaakt is gaat deze, zodra er vraag naar is, door de melkgangen richting je tepel naar buiten. Belangrijk is dus dat de zenuwen, de melkproducerende cellen en de tepel alle drie nog goed functioneren en op de goede manier met elkaar en waar nodig ook met de hersenen, in verbinding staan. BorstverkleiningBij een borstverkleining wordt borstweefsel weggehaald om de borst kleiner te maken. Door dat borstweefsel lopen de melkkanaaltjes, dus hoe meer weefsel er weggehaald wordt, hoe meer melkgangen er weggehaald worden en dus hoe kleiner de kans dat je later (volledig-)borstvoeding kunt geven. Bij een borstverkleining komt het ook vaak voor dat de tepel verplaatst wordt. De tepel wordt dan losgehaald van de borst en op een andere plek, meestal hoger, weer op de borst vastgezet. Dit loshalen van de tepel moet zeer zorgvuldig gebeuren. Bijna onvermijdelijk zullen er bij het loshalen van de tepel melkgangen los worden gesneden waardoor er minder uitgangen beschikbaar zijn voor het transport van de melk naar de tepel. Dus als de tepel verplaatst is dan is de kans op (volledig-) borstvoeding geven kleiner, tot zeer klein. Als je een borstverkleining hebt gehad en je weet niet precies hoe deze is uitgevoerd, neem dan contact op met de chirurg die de operatie heeft gedaan en vraag hem of haar hoe de operatie is uitgevoerd. Als je van plan bent om in de toekomst een borstverkleining te laten doen, maak dan duidelijk kenbaar dat je de kans op het kunnen geven van borstvoeding zo groot mogelijk wil houden. BorstvergrotingBij een borstvergroting wordt er een zoutwater- of een siliconenprothese onder de borstklier of achter de borstspier geplaatst. Er wordt daarvoor een snee gezet onder je borstplooi, in je oksel of ter hoogte van de tepelhof. Bij een snee onder de borstplooi of in je oksel wordt de prothese direct achter het klierweefsel geplaatst. De melkkanaaltjes en belangrijkste zenuwen zullen dus waarschijnlijk niet doorgesneden worden. Sommige vrouwen zijn bang dat de prothese kan gaan lekken in hun borst. De vraag is dan ook natuurlijk of de siliconen of het zout kwaad kan voor je baby wanneer die stoffen in de melk lekken. De moleculen van de siliconen die in borstimplantaten gebruikt worden zijn echter te groot om binnen te kunnen dringen in de melkproducerende cellen. Bovendien lossen siliconen niet op in water en dus is het vrij onwaarschijnlijk dat siliconen in de melk terecht zullen komen, áls de siliconenimplantaten al zouden kunnen lekken. Een gelimplantaat lekt niet, maar kan wel minuscule deeltjes uitzweten. De effecten daarvan zijn onbekend. Zouten, en ook de zouten die gebruikt worden in zoutwaterimplantaten, komen van nature al voor in je lichaam. Dus als een zoutwaterprothese zou gaan lekken, dan is de kans klein dat dit problemen oplevert. Overige borstoperatiesOnafhankelijk van het soort operatie gaat het altijd om de zenuwen, de melkproducerende cellen, de melkkanaaltjes en tepels. Als deze allemaal, grotendeels, in tact zijn en voldoende met elkaar in verbinding staan, dan is de kans groot dat je prima (voldoende) borstvoeding kunt geven aan je baby. Bedenk ook dat je je baby heel goed met één borst volledig kunt voeden. Lees meer hierover in het artikel Borstvoeding met één borst. Zwanger na een borstoperatieAls je vocht of melk uit je tepel verliest tijdens je zwangerschap is dit een goed teken. Het is echter geen garantie op voldoende melkproductie. Het heeft dus geen zin om te proberen melk af te kolven nog tijdens je zwangerschap. Je moet echt eerst bevallen zijn voordat de melkproductie op gang komt (tenzij je al een ouder kindje aan de borsthebt natuurlijk), en kolven is in principe niet nodig, zeker niet als je een baby hebt die goed aangelegd is, goed drinkt en goed groeit. Tips voor een goede start van de borstvoeding
Het kan zijn dat je in het begin goed je baby zelf kunt voeden, maar dat je na een tijdje niet meer genoeg melk voor je baby kunt produceren. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als er teveel klierweefsel weggehaald is. In het begin red je het dan nog wel, maar in de loop van de tijd heeft je baby meer melk nodig en zal hij proberen je productie te verhogen. Als je dus niet over een volledige capaciteit beschikt omdat je niet meer over voldoende klierweefsel beschikt, dan kan het zijn dat je niet meer aan de vraag kunt voldoen. Als dat zo is, neem dan contact op met je lactatiekundige. Samen kunnen jullie een plan bedenken om je baby bij te voeden. Met behoud van de borstvoeding, als het even kan. Lees ook
|
||




